Machtigingen

Machtigingen

Indien u als WBE, grondgebruiker of jachthouder gebruik wenst te maken van vrijstelling of ontheffingen dan dient u een machtiging bij de FBE aan te vragen.
Dit kan uitsluitend via:

Machtiging aanvragen

Om gebruik te mogen maken van een vrijstelling of ontheffing moet een machtiging worden aangevraagd en verkregen en deze moet op doelmatige wijze worden beheerd. Klik direct door als u een machtiging wilt aanvragen.

De provincie stelt ontheffingen op waarin wordt aangegeven onder welke omstandigheden en voorwaarden afgeweken mag worden van iets dat in een wet is geregeld. In dit geval het vangen van vogels en het doden van kraaien. Om gebruik te kunnen maken van zo’n ontheffing moet iemand gemachtigd zijn. Die machtiging wordt door de FBE verstrekt. Een machtiging loopt in principe tot het einde van de jaarlijkse ontheffingsperiode die in de ontheffing is aangegeven. Voor de ontheffing ‘kraai met vangkooi’ is dat tot 1 juli 2017. Dit staat dus los van de periode waarvoor de ontheffing zelf is afgegeven. Die loopt namelijk tot 1 juli 2018.

Aan het verkrijgen van de machtiging zit de verplichting dat het gebruik ervan regelmatig wordt  teruggekoppeld. Voor de machtiging voor de vangkooi is deze periode 14 dagen. De terugkoppeling gebeurt door het gebruik van de vangkooi in FRS te registreren.

Wanneer binnen 14 dagen na het actief stellen van de machtiging geen terugkoppeling heeft plaatsgevonden, komt er een automatische melding uit FRS dat de machtiging ‘aflopend’ is geworden. Een aflopende machtiging betekent dat de machtiging niet meer in het veld geldig is en dat de vangkooi op dat moment niet meer in gebruik mag zijn. De machtiginghouder heeft echter nog wel 14 dagen de tijd om alsnog de eerdere maatregelen te registreren. Zodra dat is gedaan wordt de machtiging weer automatisch actief. De machtiging kan vanaf dat moment weer direct worden gebruikt.

Wanneer op een aflopende machtiging niet binnen 14 dagen is gerapporteerd, wordt de machtiging automatisch geschorst. De machtiging is dan niet meer geldig maar er kan óók niet meer op worden gerapporteerd. Er kan dan een verzoek tot ontschorsen worden ingediend bij de FBE (info@faunabeheereenheid.frl of 06-22813800). Uiteraard moet na ontschorsen alsnog worden gerapporteerd.

De registratieplicht geldt alleen voor actieve machtigingen. Wanneer u langere tijd geen vangkooi actief heeft, is het handig om de machtiging op inactief te zetten. De periode waarbinnen u moet terugkoppelen loopt dan niet door. Bijvoorbeeld: u heeft de machtiging drie dagen eerder op actief gezet en de vangkooi vervolgens twee dagen in gebruik gehad. U heeft nog niet gemeld wat de vangst was gedurende die beide dagen maar komt de daarop volgende week niet aan verdere acties toe. U kunt dan de machtiging op inactief zetten waarbij FRS ‘onthoudt’ dat u drie actieve dagen heeft gehad en er dus nog 11 resteren voordat er terugkoppeling plaats moet vinden. Die periode van 11 dagen gaat pas in zodra u weer verder gaat met uw vangactiviteiten en u de machtiging daarvoor weer heeft moeten activeren. Vergeet dit laatste niet omdat een niet-actieve machtiging niet geldig is en u bij gebruik van de vangkooi dan in overtreding bent.

Liever zien wij natuurlijk dat u, in bovenstaande situatie, na drie dagen gewoon even meldt wat u in die dagen heeft gedaan en daarna de machtiging tijdelijk op inactief stelt.

FRS

Het Faunaregistratiesysteem (FRS) vervult verschillende functies:

FRS zorgt er in de eerste plaats voor dat faunabeheer conform de Wet natuurbescherming (Wn) kan worden uitgevoerd. Dit betreft het aanvragen en uitgeven van machtigingen om op basis van vrijstellingen, ontheffingen of opdrachten beschermde dieren te kunnen doden, vangen, verontrusten of hun nesten of holen te kunnen verstoren. Ter bestrijding van schade, van verwachte schade of overlast. Soms ook in het kader van populatiebeheer of juist het voorkomen van dierenleed.

In de tweede plaats worden in FRS de gegevens geregistreerd die van belang zijn om het faunabeheer, zoals dat is vastgelegd in het faunabeheerplan, te kunnen evalueren. Deze gegevens dienen niet alleen als verantwoording achteraf van eerder vastgestelde vrijstellingen, ontheffingen en opdrachten maar ook als onderbouwing voor voortzetting, intrekking of wijziging daarvan in de toekomst.

FRS kent veel verschillende soorten gebruikers die elk hun eigen rechten, plichten en wensen hebben. Deels zijn dit ook privacy-gevoelige zaken. Om die reden kan niet iedere gebruiker dezelfde handelingen verrichten en heeft ook niet iedere gebruiker toegang tot dezelfde gegevens. Deze hangen af van de rol die de gebruiker in FRS heeft.

Degene met de rol van jachthouder in FRS is voor wat betreft alle jachtveldgebonden zaken aanspreekpunt voor FBE en WBE. De jachthouder in FRS is verantwoordelijk voor het beheer en gebruik van eventuele machtigingen en voor alle rapportages. De machtigingen komen op zijn/haar naam te staan.

De rol van combinant heeft alleen administratieve betekenis binnen FRS. Met betrekking tot de huur en de uitoefening van het jachtrecht gelden uitsluitend  de betreffende huurovereenkomst en de juridische kaders van de Wet natuurbescherming en daaraan gerelateerde wetgeving. In juridische zin is de combinant gelijk aan de jachthouder.

Jachthouders in FRS kunnen:

  • Een verzoek doen aan de WBE-secretaris tot wijziging van administratieve gegevens inzake het jachtveld;
  • Het jachtveld intekenen;
  • (Algemene) machtigingen voor schadebestrijding aanvragen;
  • (Algemene) machtigingen doorschrijven aan (mede-)uitvoerders voor schadebestrijding;
  • Goedkeuring geven aan een verzoek van de grondgebruiker om schadebestrijding te koppelen aan een eventueel afgegeven algemene machtiging;
  • Afschot melden van jacht- en vrijgestelde soorten;
  • Maatregelen melden die in het kader van schadebestrijding zijn uitgevoerd, waaronder bejaagacties en bijbehorend afschot;
  • Gegevens inzake maatregelen en afschot in FRS wijzigen of verwijderen, of een verzoek daartoe doen aan de FBE-secretaris.

Combinanten in FRS kunnen:

  • Afschot melden van jacht- en vrijgestelde soorten;
  • Maatregelen melden die in het kader van schadebestrijding zijn uitgevoerd, waaronder bejaagacties en bijbehorend afschot;
  • Jachtveldadministratie inzien.

Iedere jachthouder moet lid zijn van de WBE waarin het jachtveld is gelegen. De registratie van het lidmaatschap én de rol als jachthouder of als combinant in FRS, gebeurt door de WBE-secretaris.

Een jachtveld heeft ten minste één, maar kan ook meerdere jachthouders hebben. Wanneer er meerdere jachthouders zijn, hebben deze m.b.t. het jachtveld gelijke rechten en plichten.

Rechten zijn:

  • Zelfstandig in het jachtveld kunnen jagen;
  • Met toestemming van de grondgebruiker kunnen aanvragen van algemene machtigingen voor schadebestrijding (en voorzover de betreffende vrijstelling of ontheffing dat toestaat);
  • Met toestemming van de grondgebruiker kunnen doormachtigen van andere jachtaktehouders als (mede-)uitvoerder bij schadebestrijding (en voorzover de betreffende vrijstelling of ontheffing dat toestaat);
  • Goedkeuring geven aan een verzoek van de grondgebruiker om schadebestrijding te koppelen aan een eventueel afgegeven algemene machtiging.

Plichten zijn:

  • Registreren van afschot van jacht- en vrijgestelde soorten;
  • Registreren van bejaagacties en eventueel afschot op afgegeven algemene machtigingen, tenzij dit al is gedaan op een perceelgebonden machtiging.

Wanneer er meerdere jachthouders zijn, is het raadzaam om het administratieve beheer van het jachtveld door één persoon te laten uitvoeren. Deze persoon krijgt dan in FRS de rol van jachthouder. De overige personen hebben in FRS dan de rol van combinant.

Naast jachthouders en combinanten kent FRS nog een aantal andere rollen:

Gemachtigde jachthouders kunnen worden aangesteld indien de jachthouder een instelling is, of indien de jachthouder zijn rechten en plichten aan een ander wil delegeren. De gemachtigd jachthouder functioneert daadwerkelijk als een gemachtigde, en kan bijvoorbeeld machtigingen namens de jachthouder tekenen en doorschrijven. Hij/zij is aanspreekpunt voor alle jachtveldgebonden zaken en verantwoordelijk voor gebruik en beheer van eventuele machtigingen en voor de bijbehorende rapportages. De jachthouder behoudt wel inzage in alle jachtveldgebonden zaken in FRS maar kan deze niet meer zelfstandig uitvoeren. Een jachtveld kan in FRS dus niet zowel een jachthouder als een gemachtigd jachthouder hebben.

Jachtaktehouders zijn FRS-gebruikers die in het bezit zijn van een geldige jachtakte en lid zijn van de WBE, maar niet als combinant of jachthouder aan een bepaald jachtveld gekoppeld zijn. Zij hebben als uitvoerder toegang tot www.faunaschade.nl. Dit is het portaal voor het bestrijden van faunaschade op perceelsniveau.

WBE-deelnemers zijn FRS-gebruikers die niet in het bezit zijn van een geldige jachtakte maar wel lid zijn van de WBE. Zij hebben geen toegang tot www.faunaschade.nl.

‘Uitvoerders overig’ zijn gebruikers die geen lid zijn van een WBE maar wel uitvoering geven aan een FRS-meldingsplichtige activiteit.

Een jachtveld:

  • heeft in juridische zin één of meer jachthouders;
  • heeft een aaneengesloten oppervlak;
  • heeft geen overlap met andere jachtvelden;
  • ligt binnen één WBE, en moet bij deze WBE zijn geregistreerd.

Een jachtveld in FRS:

  • heeft één jachthouder of één gemachtigd jachthouder maar nooit allebei. De jachthouder of de gemachtigd jachthouder in FRS zijn verantwoordelijk voor het gebruik en het beheer van het jachtveld en zijn daarvoor aanspreekpunt voor zowel FBE als WBE.
  • kan gekoppeld zijn aan één of meer combinanten. Deze moeten in FRS zijn geregistreerd.
  • moet zijn ingetekend.

Voor een jachtveld gelden regels met betrekking tot omvang en bejaagbaarheid met geweer.

Een jachtveld moet aaneengesloten zijn. Voor het vaststellen van grenzen en omvang geldt:

  • Een watergang die breder is dan 10 m vormt een scheiding tussen twee jachtvelden TENZIJ het jachtrecht daarvan ook gehuurd is. De oppervlakte van de watergang telt dan bovendien mee in de grootte van het jachtveld;
  • Een autosnelweg vormt een scheiding tussen twee jachtvelden;
  • Andere wegen dan een autosnelweg vormen GEEN scheiding tussen twee jachtvelden maar alleen de oppervlakte van onverharde wegen en grindwegen tellen mee in de grootte van het jachtveld;
  • Een spoorlijn vormt GEEN scheiding tussen twee jachtvelden maar de oppervlakte ervan telt niet mee in de grootte van het jachtveld.

Om met het geweer bejaagbaar te zijn moet een jachtveld buiten de bebouwde kom liggen en een aaneengesloten oppervlakte hebben van ten minste 40 ha per jachthouder. (Of in de terminologie van FRS is dat: ten minste 40 ha maal het aantal jachthouders én combinanten). In dat veld moet bovendien een cirkel kunnen worden getrokken met een straal van ten minste 150 meter.

Voor bejagen met andere (legale) middelen gelden deze eisen niet.

Het bejagen van jacht- en vrijgestelde soorten vindt plaats zonder dat daarvoor specifiek een machtiging wordt afgegeven. De registratie vindt daarom plaats op basis van X- en Y-coördinaten.

Dit maakt intekenen van het jachtveld noodzakelijk:

  • Omdat het ingevoerde afschot van jacht- en vrijgestelde soorten alleen dan in overzichten voor de jachthouder en eventuele combinanten zichtbaar gemaakt kan worden;
  • Om de mate waarin voldaan wordt aan de verplichting om afschot van jacht- en vrijgestelde soorten te registreren, inzichtelijk te maken;
  • Om (de verplichte) evaluatie van de effecten van jacht en het bejagen van vrijgestelde soorten mogelijk te maken, en daarmee jacht en vrijstellingen in de toekomst te kunnen onderbouwen.

Het intekenen van jachtvelden is bovendien een goed middel om onjuiste, administratieve overlap van jachtvelden tegen te gaan.

Laatste nieuws

Deze website maakt gebruik van functionele cookies om zo de website optimaal te kunnen laten functioneren. Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van analytische cookies.